Stadsarchitect komt terug

28 mei 2010, Carien van Overdijk, Binnenlands Bestuur

De animo om een stadsarchitect aan te trekken groeit; kenniscentrum Architectuur Lokaal stimuleert deze trend.
Amersfoort, Assen, Best, Enschede, Groningen, Haarlem, Haarlemmermeer en Leiden hebben momenteel een stadsarchitect of stadsbouwmeester. Delft, Deventer en Hilversum gaan er een benoemen. Venlo en Breda overwegen het. Op 430 gemeenten blijft dat weinig, maar het is een verdubbeling ten opzichte van een half jaar geleden. Na jarenlange afkalving van afdelingen stedenbouw en een dominante rol voor projectgewijze ontwikkeling, tonen gemeentebesturen nu weer interesse in een bredere advisering over ruimtelijke kwaliteit. Soms kiest men niet voor één adviseur, maar voor een multidisciplinair team. Zo gaat Zwolle, op initiatief van raadsleden, een ‘stadsbouwteam ruimtelijke ontwikkeling voor de binnenstad’ instellen. Amsterdam kent al jaren de Amsterdamse Raad voor de Stadsontwikkeling.

Het kenniscentrum Architectuur Lokaal lanceerde vorige week een website waarop alle stadsarchitect-achtige functies in Nederland worden geregistreerd. De teller staat hier op twintig, dankzij een wat ruimere begripsopvatting. Ook een hoofd stedenbouw of een externe projectsupervisor blijkt soms de rol van projectoverstijgend klankbord en aanjager te vervullen. Het kenniscentrum bracht voor bestuurders en raadsleden bovendien een boekje uit met case-studies en adviezen voor de benoeming van een ruimtelijk geweten (zie kader).

Bij de boek- en site-presentatie richtte rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol zich tot de aanwezige wethouders. ‘In de nieuwe Wro is veel macht overgeheveld naar gemeenten. De inpassing van tunnels, wegen, groen en gebouwen is aan u. U bent verantwoordelijk voor structuurvisies en aanbestedingen, en het moet nog binnenstedelijk en duurzaam ook. Tegelijk moet u plannen schrappen vanwege overproductie. Je zult het de projectontwikkelaar die al een vergunning heeft maar moeten zeggen: pardon meneer, deze gaat niet door. Gunt u zich een stadsarchitect met een brede, vakkundige visie. Gebruik hem of haar voor al die lastige afwegingen.’

De praktijk is soms nog weerbarstig. Terwijl kersvers wethouder Ewoud Cassee graag de ervaren Haarlemse stadsbouwmeester raadpleegt (‘je moet je eigen weerstand organiseren’), heeft Den Haag de hare min of meer afgeserveerd. ‘De projectmanagers zijn hier in de lead’, aldus een teleurgestelde Hans Kuiper, die vorig jaar de Haagse adviesrol kreeg toebedeeld zonder passende bevoegdheden. ‘Ik stop, want ik hoor elke keer: bemoei je er niet mee.’

Geen blauwdruk
De nieuwe publicatie ‘Stadsarchitecten en stadsbouwmeesters’ bevat geen blauwdruk voor de functie van stadsarchitect. In elke gemeente is het anders geregeld, en dat moet vooral zo blijven, vinden betrokkenen. Vooral de mate van onafhankelijkheid en inzetbaarheid verschillen. Meestal heeft de adviseur wel een ‘vrijgespeelde’ positie, een directe toegang tot de wethouder en de bevoegdheid om ook ongevraagd en regionaal te adviseren. Naast een beleidscontext, een historisch perspectief en een reeks beschrijvingen van huidige stadsarchitecten en hun taakopvatting bevat het boekje verslagen van een recente
debatreeks over dit onderwerp en contactadressen.