Positie stadsarchitecten kwetsbaar

28 oktober 2005, Binnenlands Bestuur

De positie van de ongeveer vijftien Nederlandse stadsarchitecten is kwetsbaar geworden nu het economische tij tegenzit. In Haarlem wordt bijvoorbeeld het nut van de stadsarchitect Joop Slangen in twijfel getrokken.

Thijs Asselbergs, een van de voorgangers van Slangen, noemt een stadsarchitect voor veel gemeenten onmisbaar. ‘Het gaat om de duurzaamheid en zorgvuldigheid waarmee de stad tot stand komt. De markt speelt tegenwoordig een steeds grotere rol. De projectontwikkelaar gaat langs bij de gemeente voor een positief advies. Gemeenten sturen zelf steeds minder. In economisch slechtere tijden leidt dat tot grotere volumes en versobering van plannen. Een stadsarchitect kan daar dan juist tegenwicht aan bieden.’

Volgens Indira van ’t Klooster van het landelijke kennis- en informatiecentrum Architectuur Lokaal lijkt het fenomeen stadsarchitect minder populair te worden. ‘Een exact overzicht bestaat niet, maar in het algemeen staat architectuurbeleid onder druk. Gemeenten kiezen vaker voor andere instrumenten, zoals supervisoren voor deelgebieden, in plaats van voor een verantwoordelijke voor de hele stad.’

In het kader van het nieuwe welstandsbeleid mogen gemeenten sinds juli 2004 afzien van een welstandsnota en de welstandscommissie afschaffen. Zij moeten dan wel een stadsarchitect aanstellen. Dat is alleen in Boekel en Jacobswoude gebeurd. Ook in Maasbree en Stede Broec is de welstandscommissie afgeschaft en is er een dorpsbouwmeester voor in de plaats gekomen. In Hilversum en Lochem zijn voor enkele woonwijken bouwmeesters aangesteld. Elders blijft vooralsnog de welstandscommissie actief.

Volgens Asselbergs zou het goed zijn als de stadsarchitecten regelmatig bijeen komen om hun positie te bespreken en te bepalen. ‘Er bestaat geen kring van stadsarchitecten of iets dergelijks. Veel overleg zou echter hun positie kunnen versterken. Ik heb bij mijn afscheid in 1994 een symposium voor mijn collega’s gehouden. Een van de redenen dat er geen kring bestaat, is waarschijnlijk dat de functie verschillend wordt ingevuld. In mijn ogen is een stadsarchitect vooral een verbinding tussen de politiek en de ambtenaren en marktpartijen. Daarnaast is hij het architectonisch geweten van de stad. De rol verschilt nog wel eens.’


Joop Slangen, stadsarchitect van Haarlem