Rijksbouwmeester

2021 – heden, Francesco Veenstra, Rijksbouwmeester

Aan de Rijksgebouwendienst is, bij koninklijk besluit, een rijksbouwmeester verbonden. De rijksbouwmeester adviseert gevraagd en ongevraagd over de architectuur en de stedelijke omgeving van het rijksvastgoed. De rijksbouwmeester heeft als adviseur van het Rijk een onafhankelijke positie. Het Atelier Rijksbouwmeester zorgt bij het Rijksvastgoedbedrijf voor de ondersteuning van de rijksbouwmeester. Francesco Veenstra werd per 1 september 2021 benoemd tot rijksbouwmeester.

De taken van de rijksbouwmeester zijn o.a.:
– Selecteren van architecten bij nieuwbouw en renovatie van rijksvastgoed,
– Onderzoeken van functies en mogelijke herbestemming van gebouwen en gronden die het Rijk niet meer nodig heeft,
– Selecteren van de kunstenaars voor kunstopdrachten verbonden aan nieuwbouw of grote renovaties. De basis daarvoor is de percentageregeling kunst,
– Stimuleren van het onderwijs en de vakbekwaamheid van architecten in het kader van de Wet op de Architectentitel,
– Bewaken van de stedenbouwkundige inpassing en de architectonische kwaliteit van gebouwen, o.a. aan de hand van de rijksnota’s op dit gebied.

In de laatste dertig jaar, met rijksbouwmeesters Kees Rijnboutt (1989-1995), Wytze Patijn (1995-2000), Jo Coenen (2000-2004), Mels Crouwel (2004-2008), Liesbeth van der Pol (2008-2011), Frits van Dongen (2011-2014), Koen van Velsen (rijksadviseur architectuur 2014-2015) en Floris Alkemade (2015-2021), is de rol van de rijksbouwmeester verder verbreed tot algemeen adviseur van de regering op het gebied van stedenbouw, monumenten, architectuur, infrastructuur, architectuurbeleid en beeldende kunst. Ook is de rijksbouwmeester de juryvoorzitter van de Gouden Piramide, de jaarlijkse prijs voor inspirerend opdrachtgeverschap voor architectuur en stedenbouwkundige ontwikkeling (opvolger van de eerdere rijksprijzen voor opdrachtgeverschap De Zeven Piramides, en daarvoor De Bronzen Bever).

College van Rijksadviseurs
De rijksbouwmeester is lid van het College van Rijksadviseurs dat tijdens het rijksbouwmeesterschap van Jo Coenen (2000 – 2004) is ingesteld. In de beginperiode waren er drie Rijksadviseurs: voor landschap, cultureel erfgoed en infrastructuur. De Rijksadviseur cultureel erfgoed werd na het rijksbouwmeesterschap van Coenen afgeschaft; later kregen de beide andere adviseurs de titel ‘rijksadviseur fysieke leefomgeving’.
Samen met de rijksbouwmeester vormen zij het College van Rijksadviseurs: een adviescollege dat vanuit een onafhankelijke positie bewindspersonen gevraagd en ongevraagd adviseert over actuele maatschappelijke opgaven en omgevingskwaliteit. Het College adviseert over de urgente thema’s van nu: van transformatie, infrastructuur en de complete stad, tot nieuwe cultuurlandschappen en de energietransitie.

Achtergrond
De functie van rijksbouwmeester bestaat al meer dan 200 jaar. De eerste rijksbouwmeester, ‘architect des Konings’ Jean Thomas Thibault, werd al snel belast met een brede adviesrol bij het bouwen voor de Nederlandse samenleving. De opgave is sindsdien verbreed en versterkt. Na 1957 veranderde de taak van de rijksbouwmeester van zelf ontwerpen naar adviseur voor de Rijksgebouwendienst en de rijksoverheid in het algemeen bij concrete bouwprojecten en bij maatschappelijk bredere discussies op het vakgebied.
Zie ook: Bouwmeesters in Nederland. Van metselaar tot filosoof, Kirsten Schipper en Cilly Jansen (2021).


Francesco Veenstra
Foto: College van Rijksadviseurs